Nu de Eerste Kamer definitief het wetsvoorstel om te komen tot een Landelijk Elektronisch Patiëntendossier heeft weggestemd, pleit SP-Kamerlid Renske Leijten voor een parlementair onderzoek: ‘14 jaar is gediscussieerd over dit systeem. Er is inmiddels zonder wettelijke basis 300 miljoen euro uitgegeven. Dit is het zoveelste grote project van de overheid dat mislukt. De politiek neemt zichzelf niet serieus, wanneer ze niet bereid is te analyseren hoe goedbedoelde plannen kunnen ontsporen.’
Na een 14 jaar durend politiek debat, lijkt de discussie over de invoering van een landelijk elektronisch patiëntendossier vandaag definitief afgerond. De Eerste Kamer – inclusief de VVD van minister Schippers – wees de wet die de grondslag voor het EPD zou moeten vormen vandaag af, vanwege grote problemen met de privacy van patiënten en veel kritiek van deskundigen uit het veld op de uitvoerbaarheid.Leijten: ‘Iedereen wil dat fouten met medicatie worden voorkomen. Het elektronisch patiëntendossier is jarenlang als wondermiddel gezien, omdat dit de informatie-uitwisseling tussen artsen zou verbeteren en daarmee ongelukken zou kunnen voorkomen. Gaande het proces groeide het EPD echter uit van een uitwisselingssysteem over medicatie voor artsen tot een kolossale dossierbak, die gevuld zou moeten worden door vele soorten zorgaanbieders. Een grootschalig systeem is per definitie kwetsbaarder qua waarborgen voor de patiënt met betrekking tot de privacy en de juistheid van de gegevens. De SP heeft daarom altijd gepleit voor veilige regionale uitwisseling op kleine schaal.’
Nu de Eerste Kamer het EPD heeft weggestemd, is het volgens Leijten tijd voor de Tweede Kamer om kritisch terug te kijken op jarenlange politieke discussies over dit onderwerp. ‘De afgelopen jaren is al 300 miljoen uitgegeven, vooruitlopend op de wet. Een wet moet startpunt, geen sluitstuk zijn. Hoe het allemaal zo heeft kunnen ontsporen moet de hoofdvraag zijn van het parlementair onderzoek.’
Voor de SP was het kolossale plan vanaf het begin een verkeerde keuze. Tineke Slagter: ‘In plaats van een landelijk superstelsel met al zijn bezwaren en gevaren, bijvoorbeeld als het om de bescherming van gegevens gaat, pleiten wij al lange tijd voor kleinschaligheid, dicht bij de patiënt en de zorgverlener, de huisarts, de apotheek. Tegen beter weten in zijn opeenvolgende regeringen jarenlang doorgegaan met hun plannen, terwijl deskundigen er gehakt van maakten. In de Tweede Kamer heeft de vorige regering nog een meerderheid achter haar plan gekregen. Maar in de Eerste Kamer heeft onze vaste commissie voor gezondheidszorg vanaf het begin wel naar de deskundigen geluisterd. We hebben alles heroverwogen en geconstateerd dat we met zo’n landelijk stelsel wel allerlei risico’s lopen maar er weinig baat bij hebben.’